Nieuws | Eco-regelingen 2026: Wat zijn de belangrijkste aandachtspunten
De Gecombineerde Opgave periode is inmiddels achter de rug en daarmee ook de aanvraagperiode voor de GLB-subsidies voor 2026. Na 18 mei kun je geen nieuwe eco-activiteiten meer toevoegen op percelen. Wel is het belangrijk om voor de GLB-subsidies je bedrijfssituatie actueel te houden en wijzigingen in de Gecombineerde Opgave aan te passen en door te geven bij RVO. Dit kan tot en met 15 oktober 2026. Je moet hierbij o.a. denken aan wijzigingen in perceelsgegevens, gewassen, nateelten en eco-activiteiten. Onderstaand worden van een aantal veelvoorkomende eco-activiteiten de belangrijkste voorwaarden benoemd.
Groene braak
Claim je deze eco-activiteit op een perceel dan moet dit perceel bouwland minimaal 9 maanden achter elkaar ingezet worden als groene braak. In deze groene braak periode mag op het perceel geen chemische gewasbeschermingsmiddelen en mest gebruikt worden. Let op: dit perceel telt ook niet mee in de mestplaatsingsruimte.
Een belangrijke voorwaarde voor deze eco-activiteit is dat het perceel voor minimaal 80% zichtbaar bedekt moet zijn in de periode 31 mei tot en met 31 augustus. Dit kan door het inzaaien van een kruidenmengsel of door spontane opkomst.
Twijfel je of het gewas op 31 mei al genoeg zichtbaar bedekt is? Dan adviseren wij om foto’s van het perceel te maken en deze zelf bij te houden in de administratie van het perceel. Dit kan later eventueel dienen als bewijslast, mocht de eco-regeling afgekeurd worden.
Groenbedekking
Deze eco-activiteit kun je claimen wanneer je een vanggewas of nateelt vanuit het najaar laat staan tot 1 maart. Je mag in het voorjaar het vanggewas niet doodspuiten of branden, enkel mechanisch onderwerken voor de hoofdteelt. Het gewas mag wel doodvriezen. Let op: ook bij deze eco-regeling geldt dat het perceel voor 80% zichtbaar bedekt moet zijn in de periode van 1 januari tot 1 maart. Wil je deze eco-activiteit in 2027 gebruiken, dan is het goed om hier in het najaar van 2026 al rekening mee te houden.
Onderzaai vanggewas
Dit wil zeggen dat tijdens de teelt van het hoofdgewas tevens een vanggewas wordt geteeld. Door het onderzaaien van een vanggewas kan dit gewas zich later beter ontwikkelen. Dit vanggewas is een ander gewas dan de hoofdteelt.
Een belangrijke voorwaarde bij deze eco-activiteit is dat direct na de oogst van het hoofdgewas het perceel zichtbaar bedekt is met het vanggewas. Tevens moet het perceel voor deze eco-activiteit 80% zichtbaar bedekt zijn tot minimaal 1 december. Let op: deze periode verschilt met de periode van het verplicht vanggewas na mais op zand- en lössgronden, deze moet namelijk tot 1 februari blijven staan.
Belangrijk is dat je bij zowel het onderzaaien als nazaaien van een vanggewas niet alleen een inspanningsverplichting (inzaaien) hebt, maar ook een resultaatverplichting.
Grasklaver en grasland met kruiden
Bij beide eco-activiteiten geldt dat het perceel voor minimaal 25% moet bestaan uit gras en voor minimaal 25% uit klaver of kruiden en vlinderbloemige gewassen. Het perceel moet helemaal zichtbaar bedekt zijn en moet gelijkmatig verdeeld zijn met gras en klaver/ kruiden/ vlinderbloemige gewassen.
Bij de eco-activiteit grasklaver dient het perceel van 1 juni tot 1 augustus zichtbaar bedekt te zijn met grasklaver. Bij de eco-activiteit grasland met kruiden moet het perceel van 1 juni tot en met 30 september zichtbaar bedekt zijn met kruiden/ vlinderbloemige gewassen en gras.
Precisiebemesting en precisiegewasbescherming
Voor beide eco-activiteiten wordt door jouzelf of door de loonwerker gebruikt gemaakt van een GPS-/ sensor gestuurde machine. Deze machine moet de mest en/ of gewasbeschermingsmiddelen variabel kunnen doseren en ter plekke de dosering kunnen meten, beslissen/ aanpassen en uitvoeren.
Deze variabele dosering wordt precies per perceel bijgehouden. Voor deze registratie dient gebruik gemaakt te worden van taak- of resultaatkaarten. Op deze kaarten wordt op basis van GPS-coördinaten bijgehouden waar en hoeveel mest en/ of gewasbeschermingsmiddelen gebruikt worden. Let op: wordt deze eco-activiteit door de loonwerker uitgevoerd dan moet je ook in het bezit zijn van onderliggende facturen waarop perceel niveau vermeld staat welk werk er precies gedaan is.
Deze eco-activiteiten dienen allebei uiterlijk 15 oktober 2026 uitgevoerd te zijn. Gebruik je door andere wet- en regelgeving mest of gewasbeschermingsmiddelen op een perceel later dan 15 oktober, dan mag je deze eco-activiteit niet meer claimen op deze percelen.
Wijzigingen eco-activiteiten en overmacht melden
Lukt het niet om een aangevraagde eco-activiteit gedeeltelijk of volledig uit te voeren, wijzig dit dan in de Gecombineerde Opgave. Het gedeelte waarop de eco-activiteit niet gelukt is, dien je uit de opgave te halen. Ook wijzigingen in hoofd- en volgteelten kan gevolgen hebben voor de uitvoering van eco-activiteiten.
Kun je door een reden niet voldoen aan een GLB-subsidie aanvraag, dan is er ook nog de mogelijkheid om overmacht te melden. Overmacht melden kan alleen wanneer er sprake is van een (extreme) situaties die je niet kan voorspellen of voorkomen, zoals extreem weer (droogte/ veel regen), ziektes (dier/ gewassen) of overlijden.
Overmacht melden dient zo spoedig mogelijk na het ontstaan van de overmacht situatie gemeld te worden bij RVO en dus niet maanden achteraf. Tevens dien je bij het overmacht melden ook bewijsstukken mee te sturen.
De laatste ingediende Gecombineerde opgave vóór 15 oktober 2026 telt voor het behalen van de eco-activiteiten en de daarmee behaalde punten en waarden. Dit wil zeggen dat RVO uitgaat van deze laatst ingediende Gecombineerde Opgave voor de beoordeling van de uitbetaling GLB-subsidies.
Heb je wijzigingen in de Gecombineerde Opgave? En heb je hulp nodig bij het doorgeven van deze wijzigingen of wil je voor jouw bedrijfssituatie de gevolgen van deze wijzigingen in kaart gebracht hebben?
Neem dan contact op met ons via 0475-494407. Uiteraard kun je ook contact opnemen met jouw vaste contactpersoon binnen vanBuiten.
overzicht